Vooralsnog overheerst de trots van een succesvol wereldkampioenschap in Zuid-Afrika. De economie heeft een impuls gekregen en er hebben zich geen veiligheidsproblemen voorgedaan. Maar achter deze vreugde schuilt vooral in de arme wijken van Johannesburg grote onvrede. Wie je ook spreekt in Soweto of Organge Farm, overal is het antwoord hetzelfde: de buitenlanders pakken onze banen af.
Zuid-Afrikaanse kranten berichten over mogelijk nieuw geweld tegen buitenlanders uit omliggende landen, vergelijkbaar met het xenofobisch geweld van twee jaar geleden dat aan meer dan zestig mensen het leven kostte en duizenden mensen in vluchtelingenkampen deed belanden. Zimbabwanen die naar Zuid-Afrika zijn gevlucht wegens de politieke onrust en armoede in eigen land, keren massaal terug naar hun vaderland, bericht de Sunday Times. Ze zijn doodsbang voor een nieuwe golf van geweld tegen buitenlanders na de laatste wedstrijd zondag van het WK voetbal. Ze stappen alleen of met hun gezin op de trein, sommigen bepakt met tv, koelkast, stoelen en koffers. Anderen staan met hun spullen langs de kant van de weg in de hoop op een lift.
Veel Zuid-Afrikanen hadden meer verwacht van het WK. In de arme wijken dringen de voordelen van het WK maar mondjesmaat door. Guesthouses staan leeg en de stadionbouwers zitten zonder werk thuis nadat zij hun werk in de aanloop naar het WK afgerond was. De buitenlanders hebben het nu gedaan. Foster Baloyi, een 26 jarige landarbeider die naar de grens met Zimbabwe is gevlucht stelt:
‘We kunnen ons leven niet riskeren. De buurtbewoners dreigden ons in brand te steken als we niet snel zouden vertrekken. We hebben onze spullen gepakt en zijn gegaan.’
De vrijdag voor de finale werd het leger ingezet in Diepkoof een van de wijken van de hoofdstad om de rust te bewaren maar vooralsnog is het rustig in Johannesburg.








