Frank Kramer: the directors cut

Geschreven door Michel Lenaerts op 6 februari 2010

Vorige week ging Roadto2010 op bezoek bij Frank Kramer. De voormalig profvoetballer, zanger en tv-presentator is al jarenlang commentator bij Eurosport en heeft al acht Afrika Cups van commentaar voorzien. Kramer had dan ook veel te vertellen, maar helaas paste niet alles in de video. Vandaar dat je hier nog een keer het volledige interview kunt lezen.

Verslag: Michel Lenaerts en Kars ter Avest

Wat maakt u een goede commentator?

Ik ben niet zo’n goede commentator. Ik heb goede, maar ook slechte momenten. Het is net zoals ik zelf als voetballer was, ik kan briljant zijn maar ik kan ook wel eens uitermate slecht zijn. Ik ben heel gevoelig voor de vorm van de dag. Ik heb prachtige uitschieters, zowel naar boven als naar beneden.

Dat heeft dan natuurlijk invloed op uw commentaar. Hoe belangrijk is het commentaar tijdens een wedstrijd?

Het commentaar is heel erg belangrijk, ik zou natuurlijk gek zijn als ik dat als commentator zou ontkennen. Maar zet het geluid maar eens uit, dan mis je toch iets. Toen ik net begon in dit vak heb ik geleerd dat de kijker een bevestiging zoekt van zijn eigen mening. Dus als de kijker dezelfde mening heeft als de commentator dan spreekt de kijker waarschijnlijk over een goede commentator. Als de mening van de kijker volledig anders is dan die van de commentator dan zal hij de commentator niet zo goed vinden.

Hoe zorgt u ervoor dat u geen kijkers verliest tijdens een saaie wedstrijd?

Dat is het allermoeilijkste voor een commentator. Het is natuurlijk makkelijk om te gaan praten over wat er zich in het verleden heeft afgespeeld met dat land of die club of de speler die op dat moment aan de bal is. Ik probeer om altijd bij het voetbal te blijven en dan bij elke situatie die zich voordoet mijn mening te geven over hoe dat misschien beter had gekund. Bijvoorbeeld waarom een speler een bal naar de zijkant van het veld speelt terwijl dat bijna een zekerheid is voor balverlies, hij had de bal beter naar het midden kunnen spelen. Als ik dat verteld heb, zijn we alweer een minuut verder en dan gebeurt er misschien wel wat.

U heeft al 8 Afrika Cups van commentaar voorzien, wat vindt u nou zo leuk aan de Afrika Cup?

Het leuke aan de Afrika Cup is dat het zoveel beter is geworden voor een commentator. In de jaren ‘90 toen wist je niets van al die spelers. In die tijd won een commentator zijn eigen informatie in, door bijvoorbeeld naar Nigeria te reizen, de ambassade te bellen of een vriend te schrijven, die daar in de buurt woont. Zodoende kreeg je meer informatie over het Nigeriaanse elftal. Dus de echte commentator had meer en betere informatie dan iemand anders. Helaas behoorde ik niet tot dat selecte gezelschap. Tegenwoordig heb je internet en met één druk op de knop kom je alles te weten over een bepaalde speler. Dat maakt het voor een commentator een stuk gemakkelijker.

Met de informatie die u nu heeft, wie is dan uw favoriete Afrikaanse speler aller tijden?

Dan kom ik altijd uit bij een buitenspeler. Dat komt omdat ik in mijn tijd als voetballer zelf linksbuiten was. Ik hou van onberekenbare spelers die een bal op de meest knullige manier aannemen, maar daarna iets briljants kunnen doen wat niemand anders kan. Het was een speler die zeker niet de beste voetballer was maar wel de leukste om naar te kijken. Ik heb het dan over Babangida, de rechtsbuiten van Ajax. Hij kon de meest afschuwelijke dingen doen, maar als het dan een keer lukte, dan was hij zo snel en dan ging hij er zo mooi langs. Al struikelde hij daarna over de bal of rende hij er mee over de achterlijn, dat maakte voor mij niets uit. Hij is voor mij de lolligste Afrikaanse voetballer aller tijden.

Merkt u ook verschil tussen het Afrikaanse voetbal en het Europese voetbal?

Ja, dat merk ik. Het grootste verschil zit hem namelijk in de keepers. Die zijn nog altijd van een, ik zal niet zeggen dramatisch niveau, maar het zit er wel tegen aan. Je zag nu ook weer in Angola dat op de meest cruciale momenten de keepers fouten maken die in Europa niet meer plaatsvinden. Je kan gerust zeggen dat degene die kampioen van Afrika wordt, ook de meest stabiele keeper heeft.

Wat natuurlijk ook opvalt is dat de spelers allemaal fysiek beresterk zijn. Maar zelfs van Afrikaanse spelers verwacht je een betere traptechniek. Dat zie je vooral bij voorzetten vanaf de zijkanten, die zijn ook allemaal van een erg laag niveau.

Nigeria, Ivoorkust, Kameroen en Algerije hebben wisselend gepresteerd op de Afrika Cup. Wat verwacht u van deze Afrikaanse landen op het WK in Zuid Afrika?

Daar is eigenlijk nauwelijks een antwoord op te geven. Een land als Ivoorkust behoort wel telkens tot de favorieten, maar tijdens de laatste Afrika Cup zag je ook dat ze, ondanks alle topspelers en een goede coach, geen resultaat halen. Ze hebben met de spelers die ze nu hebben nog nooit een prijs gewonnen dus ik verwacht niet dat dat op het WK anders zal zijn. Wat ik wel een gevaarlijke outsider vind is Algerije. Zij spelen heel verdedigend en heel professioneel en hebben een zeer sterk land verslagen tijdens de kwalificatie (Egypte, red.). Van alle Afrikaanse landen die straks op het WK actief zijn lijkt me dat het sterkste land.

Tot slot, wat is voor u het meest opmerkelijke moment uit de Afrika Cup?

Dat was in 2006 toen het toernooi in Egypte werd gehouden. Het was in de halve finale en Egypte gaat wisselen. De coach besluit om Mido, op dat moment de belangrijkste speler van Egypte, te wisselen. Mido was laaiend en gaat gebarend en scheldend naar de kant. Vervolgens is de coach ook boos over hoe Mido zich gedraagd en die twee gaan bijna vechten aan de zijlijn. Ze moeten door wisselspelers uit elkaar worden gehouden. De wisselspeler Zaki, die voor Mido in het veld kwam, maakte uiteindelijk de winnende goal. Iedereen blij, behalve Mido. Hij werd naar aanleiding van dat incident voor een halfjaar geschorst maar het meest tragische was eigenlijk dat Mido nooit zijn excuses heeft aangeboden. Hij bleef maar volhouden dat zijn wissel onterecht was, dat de coach een amateur was en dat zijn medespelers er niets van bakten.

Een ander moment dat me sterk is bijgebleven was in 1998, toen het toernooi in Burkina Faso werd gehouden. Het gastland kwam verrassend ver en bereikte de strijd om de derde en vierde plaats. De tegenstander was Congo. Er waren 86 minuten gespeeld, het stond 4-1 voor Burkina Faso, toen heb ik tegen de kijker gezegd: ‘Als het nu nog gelijk wordt, dan krijgt u, dames en heren, van mij een gratis dagje in een pretpark ergens in Nederland. Opa, oma en de hond mogen ook mee.’ Wat denk je, het wordt 4-4 en ik kon met een bus vol met schreeuwende kinderen en opa’s en oma’s naar een pretpark toe.

Deel met anderen:
  • Print
  • Digg
  • del.icio.us
  • Facebook
  • Mixx
  • Google Bookmarks
  • email
  • Hyves
  • LinkedIn
  • Live
  • NuJIJ
  • PDF
  • RSS
  • StumbleUpon
  • Technorati
  • Twitter
Line Break

Auteur: Michel Lenaerts (6 Articles)

Stuur een reactie

Comment moderation is enabled. Your comment may take some time to appear.