
Tony van der Meulen, onder andere oud-hoofdredacteur van het Brabants Dagblad, is als voorzitter van lokaalmondiaal in Johannesburg en gaat daar op pad met Afrikaanse journalisten. Deel 4: met Rosemary op jacht naar Tutu en De Klerk.
Door Tony van der Meulen
‘In ons vak moet je altijd vechten’, glundert de Ghanese radiojournaliste Rosemary Mroba-Gaisie (30) nadat het haar is gelukt. Op het massale congres in Johannesburg van The Kids Rights Foundation krijgt ze drie van de belangrijkste sprekers te pakken: aartsbisschop Desmond Tutu, oud-president Frederik Willem de Klerk (de man die Nelson Mandela in 1990 vrij liet en democratische verkiezingen uitschreef) en haar Ghanese landgenoot Charles Abugre Akelyira, de directeur voor Afrika van het VN-Millenniumprogramma.
De conferentie over de rechten van het kind vindt plaats in een wel heel pompeus complex, waarvan zowel de architectuur als de naamgeving is geïnspireerd door het oude Rome: `Emperors Palace’, het paleis van de keizers. Op de billboards langs de brede lanen naar het keizerlijk paleis zijn de veni, vidi, vici’s dan ook niet van de lucht.
Een conference van Tutu
Maar liefst zesentwintig redevoeringen hebben wij voor de boeg, waaronder een aantal bijzonder saaie, die ook nog weer worden begeleid met vanuit de zaal onleesbare powerpointsheets vol getallen en staafdiagrammen. Maar op een vroeg uur lacht de volle zaal zich wakker bij een conference van Desmond Tutu, die met zijn bekende hoge stemgeluid heel geestig op dreef is. Op een gegeven moment daalt zijn stem tot bijna een fluistertoon, en zijn wij aangekomen bij zijn core business, de bijbel.
Indrukwekkend is ook het bewogen verhaal van Graca Machel-Mandela, de huidige echtgenote van de legende. Zij strijdt al een leven lang voor een waardiger leven voor de vele miljoenen armen in Afrika, en vooral ook de ontelbare kinderen die aan hun lot worden overgelaten. Een aantal malen wordt zij onderbroken door een staande ovatie; aan het einde van haar verhaal juichen wij allen haar langdurig en geëmotioneerd toe.
In de wandelgangen
Rosemary schrijft intussen vele vellen vol. Ik heb in deze dagen dat ik optrek met Afrikaanse journalisten die meedoen aan het Roadto2010-project nogal wat beroepsijver waargenomen.
Tussen de vele speeches door begeven Rosemary en ik ons in de drukke wandelgangen, waarvoor zo’n internationale conferentie vooral ook bedoeld is. Er worden veel handen geschud, er worden vooral ook veel businesscards uitgewisseld.
Heel bijzonder is het om hier, zonder de bodyguards-met-oortje die wij in Nederland kennen, twee mannen te zien lopen die voor een aanzienlijk deel de geschiedenis van Zuid-Afrika hebben bepaald, Tutu en De Klerk. Gaisie en ik staan er bovenop als Desmond Tutu de echtgenote van Frederik Willem de Klerk zeer hartelijk omhelst, ‘wat leuk je weer te zien!’
Historische omwenteling
Wie kust hier wie? De zwarte aartsbisschop, die een van de grootste strijders was tegen het gehate Apartheidsregime en daarvoor in 1984 de Nobelprijs voor de Vrede kreeg, omhelst hier mevrouw De Klerk, die samen met haar beroemde man decennialang deel uitmaakte van hetzelfde racistische regime.
Maar Frederik Willem de Klerk was in 1990 als president ook degene die, tot woede en ontsteltenis van vele blanke boeren, de doorbraak forceerde naar een democratisch Zuid-Afrika. Deze historische omwenteling, ook in het leven van het echtpaar De Klerk, verklaart wellicht de hartstochtelijke, aartsbisschoppelijke omhelzing.
Rosemary bewaart het verschalken van F.W. de Klerk en Demond Tutu voor later. Eerst stapt ze af op de Ghanese VN-diplomaat Charles Abugre Akelyira. Ze blijken elkaar uit eigen land niet te kennen, maar daar is de ontmoeting niet minder hartelijk door. Zeker twintig minuten lang gaat hun gesprek over de rechten van het kind en de wel of niet geringe kans dat de ambitieuze millenniumdoelstellingen voor de mondiale armoedebestrijding worden gehaald. Tot slot praten ze over voetbal en de hoop dat het WK het imago van Afrika aanzienlijk zal verbeteren.

You again!
Dan gaan wij op jacht naar Desmond Tutu. Wij treffen de aartsbisschop als hij (menselijk trekje) het herentoilet verlaat. Meteen wordt hij weer omsingeld door allerlei congresgangers die met hem op de foto willen, een lot dat hij vriendelijk, maar geroutineerd ondergaat. Rosemary maakt een afspraak met hem voor over een uur. Maar het programma loopt erg uit. Ineens zien wij Desmond Tutu weer lopen.
Onvervaard zetten wij de achtervolging in, die tenslotte leidt naar de perskamer waar hij een interview heeft met het NOS-journaal en daarna met de Duitse televisie. Eigenlijk moet hij nu weer weg, hij staat al half op, maar Rosemary gaat meteen in de fauteuil tegenover hem zitten. ‘Oh, you again!’ schatert hij, weer met dat hoge stemgeluid, ‘goed, twee vragen.’ Maar dat worden er toch meer als hij gaat uitweiden over het belang van het WK voor de eenheid van Zuid-Afrika en het gehele Afrikaanse continent. ‘Iedereen in de wereld zegt: nog nooit is het WK zo goed georganiseerd als nu!’ Weer die schaterlach met lange uithalen, die aangeeft dat wij zijn enthousiaste woorden wel enigszins mogen relativeren.
Rosemary komt ook nog uitvoerig op de foto met Desmond Tutu.

Journalistieke triomfen
Op de gang stuiten wij meteen op oud-president en Nobelprijswinnaar (in 1993, samen met Nelson Mandela) Frederik Willem de Klerk. Hij is net klaar met een BBC-interview en maakt afwerende gebaren. ‘Ik moet nu echt weer naar de grote zaal.’
‘Twee minuten voor Ghana’, lacht Rosemary en de staatman-in-ruste zwicht. Ze is vlak voor hem gaan staan, zodat hij in feite ook geen kant op kan. De twee minuten benut zij om over voetbal te praten. De Klerk blijkt, ook op historische gronden, wij zijn immers broedervolken, voor Nederland te zijn, ‘daar ligt toch mijn hart’.
‘Op één dag achter elkaar, Tutu en De Klerk, ik heb ze allebei!’ lacht Rosemary. Tevreden gaan we een broodje eten om nog wat na te praten over het aangename gevoel van journalistieke triomfen.







