Vergeten voetballers: Ali Ibrahim, de voetballer die niet kon voetballen

Geschreven door Martjan Kuit op 8 januari 2010


Ieder jaar hangen voetbalhelden van weleer hun voetbalschoenen aan de wilgen. De meeste van hen verdwijnen langzaam uit het collectieve geheugen. Roadto2010 houdt de herinnering aan deze Vergeten Voetballers levend. Deze week: Ali Ibrahim, de voetballer die dankzij een schot op de lat wereldberoemd werd.

We schrijven het jaar 1996. De maand oktober om precies te zijn. Het seizoen 1996-1997 is net begonnen en het oppermachtige Ajax van Blind, Van der Sar, Litmanen en Kluivert krijgt bezoek van De Graafschap. De Superboeren zijn die middag lekker aan het voetballen. Na 90 minuten staat het 1-1, een mooie prestatie voor de ploeg uit Doetinchem.

Hakbal
In Doetinchem is men de wedstrijd meer dan dertien jaar later nog altijd niet vergeten. En dat komt niet door het ene punt dat de Superboeren aan de tocht naar Amsterdam overhouden. Nee, het is de wedstrijd van de fameuze hakbal op de lat van Ali Ibrahim, die de wereld rondgaat.

De nu 40-jarige Ibrahim wordt geboren in de Ghanese hoofdstad Accra. Hij is al vroeg geobsedeerd door voetbal. Hij begint met voetballen bij Bisa Goma. Na 28 wedstrijden en twaalf doelpunten mag hij het bij Accra Great Olympics proberen. Ook Godwin Attram en Daniel Addo begonnen ooit bij deze club. Na een half seizoen volgt de overstap naar Europa.

Gabon
De Ghanese aanvaller verlaat zijn vaderland als hij achttien is. ‘Ik ging eerst naar Gabon, maar ik was toen erg jong. Ik ben nog even teruggegaan en vervolgens naar Duitsland,’ zo zegt hij daarover. In Duitsland begint Ibrahim onderaan de voetballadder. Hij komt terecht bij SG Wattenscheid 09, een ploeg die uitkomt in de tweede Bundesliga. Hier speelt hij vier jaar.

Na een seizoen Grasshopper-Club Zürich, waar hij zich niet thuis voelt, komt hij terecht bij De Graafschap. Trainer Fritz Korbach: ‘Ik weet nog goed dat voorzitter Hylke Enzerink op een dag zei: “Ik heb een goeie speler voor je, een Afrikaan.” Ik vroeg: “Hoe heet ie?” “Ali,” zei Enzerink. Toen zei ik: “Dan moet het wel een beste zijn.”’

‘Hij kon niet voetballen’
‘We hebben hem vastgelegd en daar hebben wij nooit spijt van gekregen. De Ghanese spits had slechts één makke: hij kon niet voetballen. Maar hij was een opportunist van het zuiverste water. Niet te coachen, en in het veld deed hij maar wat. Maar nog steeds heeft de hele Achterhoek het over de hakbal van Ali Ibrahim in de Amsterdam Arena tegen Ajax,’ zegt de trainer op de fansite van De Graafschap.

Samen met Eric Viscaal vormde Ibrahim bij een sterk koppel. Eric Redeker, voorstopper van De Graafschap in die tijd, vertelt in 2005 aan De Gelderlander: ‘Eric Viscaal en Ali Ibrahim hebben De Graafschap op de kaart gezet. Viscaal paste zich ook aan. Hij was de beste, maar had absoluut geen kapsones. Ibrahim was een eenling, maar wel een aardige jongen.’

Spiritueel
Ook middenvelder Frank Lukassen herinnert zich het spitsenduo nog goed. ‘Viscaal woonde in België en kreeg meer benzinegeld dan wij aan salaris. Maar hij is nooit te laat op de training gekomen. Ibrahim was anders, spiritueel ingesteld. En soms zag je hem een paar dagen niet op de training. Korbach ging daar goed mee om. Het gaf ook nooit wrijving in de groep.’

Ali Ibrahim beleeft zijn finest hour al vroeg in het seizoen, tegen Ajax. Hij is die middag in het seizoen de grote smaakmaker. De Ghanees wordt “wereldberoemd” vanwege zijn spectaculaire omhaal met de hak die op de lat boven doelman Edwin van der Sar uiteen spat. Zelden zal Edwin van der Sar een dergelijk inzet op zich af hebben zien komen. Waarschijnlijker heeft hij de bal van Ibrahim helemaal niet gezien.

De schitterende omhaal belandt op de lat boven Van der Sar, die geluk heeft. Het is waarschijnlijk één van de mooiste schoten die ooit op de lat belandde. Uiteindelijk eindigt het duel in een voor Ajax teleurstellend 1-1 gelijkspel.

De Ghanese Baltovenaar
In Ibrahim’s eerste seizoen bij De Graafschap, in 1997, eindigt de ploeg als achtste in de eredivisie met maar liefst 45 punten. De Doetinchemse eredivisionist doet zelfs lang mee om Europees voetbal. Ibrahim scoort zes keer en is een belangrijke waarde voor het team. Er wordt zelfs gespeculeerd over een transfer naar PSV.

De Ghanees is in die tijd razend populair bij de aanhang van De Graafschap. Hij wordt bewierookt en krijgt bijnamen als De Zwarte Parel, een Exotische Trukendoos en De Ghanese Baltovenaar.

Jaren vóór de entree van Ali Ibrahim had de Achterhoekse band Normaal een streekhit met een liedje over een boerenmeid. Alie was haar naam. Toen Ibrahim zijn kunsten vertoonde op de Vijverberg was het nummer vreemd genoeg weer populair in Doetinchem en omstreken.

Aan het einde van het seizoen 1996-1997 is de aanvaller minder fortuinlijk. In een wedstrijd tegen NAC breekt hij een nekwervel. Na een lange herstelperiode verlaat Ibrahim de Achterhoekse club in 1998. Ibrahim gaat naar het Belgische FC Harelbeke.

Gevaarlijk
Via het Turkse Gaziantespor en het Duitse SV Paderborn belandt de 34-jarige Ghanees bij FC Caracas in Venezuela. ‘Ik kende de president van de voetbalbond, hij was een vriend uit mijn tijd bij Grasshoppers in Zwitserland. Hij heeft in Venezuela een medicijnenfabriek en vroeg of ik daar wilde voetballen. Het was er alleen erg gevaarlijk. Op een ochtend was een hotel op honderd meter van mijn hotel door een explosie verwoest.’

In januari keert Ibrahim terug naar zijn vrouw Albertina, die in Nederland achterbleef. In Nederland komt hij snel weer aan de bak. Amateurclub SV Babberich wil de gewezen publiekslieveling van De Graafschap maar al te graag inlijven. Ibrahim verhuist naar Arnhem en gaat in de hoofdklasse op jacht naar nieuwe roem. ‘Ik ben nu 33, maar ik voel me nog 25’, zegt hij strijdvaardig.

Wilgen
Na één seizoen Babberich is het avontuur alweer voorbij. Hij verandert voor het laatst in zijn carrière van club. Hij probeert het een seizoen bij de Zevenaarse tweedeklasser DCS, maar Ibrahim wordt oud. In 2006 hangt de dan 36-jarige Ghanees de voetbalschoenen definitief aan de wilgen.

Ibrahim heeft in zijn carrière niet minder dan twaalf verschillende werkgevers gehad. ‘Ik heb overal gespeeld, maar voor een voetballer is dat niet ideaal. En voor je gezin ook niet. Albertina is ook niet mee geweest naar Turkije en Venezuela. Ik veranderde te vaak van club, daarom bleef ze liever hier.’

Van alle clubs waar hij speelde is er één die eruit springt. ‘De Graafschap zit in mijn hart.’

Deel met anderen:
  • Print
  • Digg
  • del.icio.us
  • Facebook
  • Mixx
  • Google Bookmarks
  • email
  • Hyves
  • LinkedIn
  • Live
  • NuJIJ
  • PDF
  • RSS
  • StumbleUpon
  • Technorati
  • Twitter
Line Break

Auteur: Martjan Kuit (94 Articles)

1 reactie
  1. Albertine
    1:59 pm op 25 januari 2010

    Leuk artikel! Wattenscheid 09 speelde overigens niet tweede maar eerste Bundesliga in die periode en die wedstrijd Ajax-de Graafschap van die hakbal was op 29 september 1996.

Stuur een reactie